15 Juni 2008

De komende maanden staan hier de postings uit Perugia. Fotos zijn hier te vinden

Perugia - Lecce

Geplaatst op 19:03:13 in Blog | Openbare reacties (0)

Even een uitstapje maken naar het zuiden, levert in Italië een reis op die qua lengte vergelijkbaar is met de afstand Amsterdam – Perugia. Iets dat je in Nederland niet moet flikken, al was het alleen maar omdat je dan wel heel veel rondjes moet rijden over Maastricht en Groningen en dat gezien de drukte op onze wegen al zeer snel gaat vervelen.

Hoe anders is dat hier! Ik heb heerlijk met snelheden rond de 200 kilometer per uur gezoefd over mooie lange, grote en relatief rustige wegen richting het zuiden waar tenminste altijd de zon schijnt en iedereen een glimlach op zijn gezicht heeft. Waar het eten anders is, het tempo van het leven lager ligt en waar de vrijheid gewoon in elke straat te voelen is.

Mijn reden van het bezoek was een seminar van Wing Tjun waar mijn Si-fu uit Amsterdam les kwam geven. Een uitgelezen mogelijkheid voor mij om de hak van Italië eens te bezoeken. Het werd daarom twee dagen Lecce, Puglia. Wat een schitterende stad is dat zeg! Net zoals hier in het noorden (Alles boven Napoli is voor de Pugliese al ‘het Noorden’, net zoals alles onder Napoli voor ons Perugini al Afrika is) is de oude stad omringd door een muur en bestaat het uit elementen van de Romeinen en Middeleeuwen. Schitterende kerken, kathedraal en Romeins amfitheater. Om over de mooie mensen maar te zwijgen.

Onderweg naar het zuiden kwam ik in de provincie Abruzzo de zee tegen. Een groot veld met prachtig lichtblauw steeg ineens van achter de horizon op en deed me letterlijk juichen van geluk in mijn auto. Tranen in mijn ogen! Prachtige muziek in de auto, boven de dertig graden zon, ruim 180 op de teller en dan die schitterende Adriatische zee. Het gevoel de ultieme vrijheid te delen met de wereld was overweldigend.

In Lecce ben ik eerst op zoek gegaan naar de school waar het seminar gegeven zou worden. Zoals altijd wil ik graag een dag van te voren op de hoogte zijn van de locaties waar ik moet zijn, zodat ik de volgende dag niet zo hoef te zoeken, maar gewoon relaxed op pad kan gaan. Maar zoals zo vaak, ging het deze keer ook niet helemaal goed. Ok, ik kwam op de plek aan waar ik volgens het Internet de school zou moeten vinden, maar daar bleek nu alleen maar een grote supermarkt te zijn. Niemand kende de school. Daar zat ik dan! Gelukkig was er een hotel waar ik naar de WC kon en het Internet kon raadplegen. Met twee telefoonnummers kwam ik weer buiten en de personen van het eerste nummer konden me zeggen dat de school al jaren geleden verhuisd was. Het nieuwe adres was helder. Daar kon ik dan vervolgens naar toe gaan.

Dat nieuwe adres bleek op een grote verkeersader de stad uit te moeten zijn. Maar daar waren alleen maar industrieterreinen met grote hekken die gesloten waren en geen enkele blijk gaven van de aanwezigheid van een Wing Tjun school. Wat nu weer?

Omdat ik zo ellendig moe was van de zevenhonderd kilometer rijden die dag, besloot ik eerst de auto in de stad te parkeren, wat te gaan eten en daarna een hotel te gaan zoeken. Ik zou mijn Si-fu wel even bellen en met hem dan naar de school gaan. Het zou wel goed komen, bedacht ik me zo. Dat doet het namelijk wel altijd: goed komen uiteindelijk.

In de stad vond ik een mooi parkeerterrein en liep daarna vol goede moed, maar met trillende knieën van de honger, de binnenstad in. Gewoon de stroom mensen achterna. Uiteindelijk vond ik een restaurant waar ik lekker salade en friet heb gegeten. Bij de kathedraal waren twee paartjes die net gingen trouwen, een mooi gezicht! Iedereen was er ook zo mooi en blij en in grote groepen en tevreden. Hier zou ik best kunnen wonen, dacht ik zo.

Na het eten voelde ik me werkelijk tien jaar jonger en dus stukken beter en stabiel. Op naar mijn auto! Maar waar stond dat ding nou? Na ruim een uur rond te hebben gelopen en af en toe een barretje ingedoken te zijn voor de WC, besloot ik het maar aan een man te vragen die net zijn winkel afsloot. Die zou de buurt zeker goed moeten kennen, leek me zo.

Hij begreep me heel goed. Hij snapte als geen ander dat ik mijn auto kwijt kon raken, want hij had, zo zei hij zelf, de politie al drie keer gebeld omdat hij van mening was dat ze zijn auto hadden gestolen. Hij vergat dus zelf ook vaak waar hij geparkeerd stond. Nadat hij me een kaart had gegeven en wat vragen had gesteld over de dingen die ik onderweg gezien had (om zo de plaats te kunnen bepalen, maar die ik niet kon beantwoorden omdat mijn hoofd toen alleen nog maar bij eten en drinken was), vroeg hij me waar ik ging slapen. Het was namelijk al rond middernacht. Die zuidelingen zijn lekker traag met alles en dus gaan er gewoon winkels dicht rond middernacht, maar kun je wel gewoon nog overal eten en drinken en is de stad nog volgepakt met mensen die ergens heen gaan, of gewoon een ijsje eten.

Ik zei dat ik eerst mijn auto wilde zoeken en daarna een hotel zou gaan vinden. Nou wilde het toeval dat zijn goede vriendin en tevens buurvrouw een B&B had en dat die goede vriendin er net met de hond kwam aangelopen. Wat een toeval! Ik ben tegenwoordig zo dat ik dergelijke toevalligheden direct aangrijp. Of de mevrouw nog een plek had om te slapen. Ja, dat had ze! Maar eerst gingen we met de auto van de man door de stad rijden om te kijken of we mijn auto konden terugvinden. Over sociale normen gesproken. Het is er echt goed leven daar!

Na wat rond te hebben gereden slaakte ik een kreet toen ik de parkeerplek zag waar mijn auto zich bevond. Toen moest de man een beetje lachen. “Zie je dat stoplicht daar?”, vroeg hij en wees een straat in, waar op nog geen honderd meter inderdaad een stoplicht was. “Dat is de plek waar we net met elkaar stonden te praten!”, lachte hij. Mijn auto was dus vlakbij geweest al die tijd, maar ik had er net steeds langs gelopen. Dat was een meevaller! Mijn auto en mijn slaapplek dicht bij elkaar en morgen zou het zondag zijn en dus gratis parkeren; dat was helemaal gunstig!

De volgende dag kreeg ik een bevestigende SMS van mijn Si-fu dat het inderdaad plaats vond op het adres dat ik al eerder had gekregen van de dame aan de telefoon. Hup erheen dus! Nu stond het hek op een kiertje en kon ik mijn auto bij het pompstation aan de overkant parkeren. Ik werd ontvangen door iemand die me mee naar boven leidde in het pand waarin een expocentrum van Ferrari leeg stond en waar nu al vele Wing Tjuners zich hadden verzameld.

Ik babbelde een beetje met wat van de locals en samen wachtten we tot het begon. Het zou een prima seminar worden. Maar nog leuker was de lunch in een restaurant met alle bonzen van Wing Tjun en ik als speciale gast van mijn leraar. Er zat onder andere ook een meester in het Muay Thai aan tafel en de gesprekken waren erg interessant. Het eten was heerlijk. Een simpele pizza, wat mozzerella met ham, maar toch. Heerlijk. Anders dan bij ons in het Noorden. Dat was duidelijk!

Na het seminar vertelde mijn leraar mij dat de eigenaar van het pand ook een Wing Tjuner was en dat hij naast zijn vette Masserati ook nog een Viper en een Lamborghini had en dat een rit in de Lamborghini eentje was om nooit te vergeten en of ik het ook leuk zou vinden om dat mee te maken. Dat leek mij wel erg leuk ja! Aangezien anderen het ook een goed plan vonden, ging iemand anders van ons ook ‘even zijn Lamborghini halen’. Waar halen die gasten dat geld vandaan? Zuid Italië, daar kan veel gebeuren. Raar geld, lijkt me.

De rit in die auto was fenomenaal. Niet alleen van nul naar honderd binnen drie seconden, maar ook van 120 naar 180 in een seconde of twee. We reden eerst met 120 door de stad, hetgeen op zich niet zo heel bijzonder is. Dat doe ik ook wel eens, zou ik bijna willen zeggen. Wat wel gek was, was dat hij met een ruk aan zijn stuur ineens de oprit van de snelweg nam, waar je in principe maar 40 mag wegens de scherpe bocht. Ik begon te lachen en schreeuwen van de kick. Toen keek hij me aan en zei: “Ja, we moeten in het begin een beetje rustig aandoen, want de wielen zijn nog niet warm genoeg”.

Op de snelweg stootte hij me aan en en wees op de snelheidsmeter die toen rond de 180 stond. Daarna kwam er een rijbaan leeg en schoten we in een zucht naar de 240 km/u. Dat is echt heel erg hard. Auto’s die we passeerden leken niet alleen stil te staan, maar sommige leken zelfs met een rotvaart achteruit te rijden. Ongelooflijk, wat een auto. Nee, wat een raket!

’s Avonds hebben we met een groep zitten eten en drinken en kon ik het zuidelijke leven eens van dichtbij bekijken. Dit is wel een plek om te zijn, echt. Al is er maar weinig geld te verdienen, want grote armoede.

Via de Wing Tjun club had ik een appartement in het centrum van de stad kunnen huren voor heel weinig geld, met een keuken, woonkamer, badkamer en terras met uitzicht op het grote plein. Waanzinnig. Prima geslapen en ontbeten met de spullen die al in de koelkast klaarstonden. Daarna naar het strand, om de 35 graden even te voelen branden op mijn huid.

Tegen het eind van de middag begon ik mijn terugtocht weer en eindigde ergens in Abruzzo in een hotel met uitzicht op de zee. Wat een intens weekend!

Geef commentaar op dit stuk (kan privé)

Laat me weten wat je van dit verhaal vond!
*    * *    * * *    * * * *    * * * * *